Exact 2 jaar geleden, op 7 november 2007, werd in de Kamercommissie Binnenlandse Zaken het splitsingsvoorstel voor het kiesarrondissement Brussel-Halle-Vilvoorde goedgekeurd. Het probleem met die stemming was dat enkel de Vlamingen een ja-stem hebben uitgebracht, en de Franstaligen* collectief de zaal verlieten. In datzelfde collectief stapten ze naar de Franse Gemeenschap om een belangenconflict uit te roepen, waardoor de eindstemming in de Kamer met zes maanden werd uitgesteld. Nadien hebben zowel de Franstalige Gemeenschapscommissie, het Waalse parlement en, vorige maand, de Duitstalige Gemeenschap, een belangenconflict ingeroepen, waardoor het dossier nu al twee jaar stil ligt. Tot zover B-H-V.
Vandaag werd in het Amerikaanse Huis van Afgevaardigden de wet goedgekeurd die de gezondheidszorg zal hervormen. De yea-stemmers waren 219 Democraten en 1 Republikein. De nasalere "nay" klonk bij 176 Republikeinen en 39 Democraten. Als de tekst ook in de Senaat overleeft kan de wet uitgevoerd worden en zullen ook de arme Amerikanen binnenkort over een gezondheidsverzekering kunnen beschikken.
Een kleine meerderheid van de Democraten heeft voor de volledige Amerikaanse bevolking kunnen beslissen dat er een hervorming komt van hun gezondheidszorg. Een kleine meerderheid van Vlamingen heeft er niet voor kunnen zorgen dat er voor de volledige Belgische bevolking een hervorming komt van hun kiesarrondissementen.
Discriminatie
Dit is mogelijk omdat België werd opgedeeld in gemeenschappen op basis van taal. Om de belangen van iedere taalgroep te beschermen werd het mogelijk gemaakt om een belangenconflict in te roepen. Dit kan wanneer de grotere taalgroep (in dit geval de Vlamingen) een beslissing neemt die de kleinere taalgroep (de Franstaligen) discrimineert. Maar is het niet inherent aan de democratie dat een grotere groep kan beslissen over een kleinere groep? Natuurlijk zijn er mechanismen nodig om de kleinere groep te beschermen en mag van een dictatoriale democratie geen sprake zijn. Maar waarom moet een belangenconflict mogelijk zijn op basis van taal en niet op basis van andere verschillen? Wanneer er in een wet een bepaalde groep echt gediscrimineerd wordt, zal geen enkel grondwettelijk hof ze laten bestaan. Waarom moeten in België de taalgroepen toch nog over die extra bescherming beschikken en de vrouwen of de allochtonen niet?
In de Verenigde Staten kan een meerderheid van Democraten beslissen over een minderheid van Republikeinen. Het gaat hier uiteraard over politieke partijen, maar zij vertegenwoordigen ook zeer specifieke bevolkingsgroepen. De goedgekeurde wettekst is daarom een mogelijke discriminatie van stedelingen tegen plattelandsbewoners, van het noord-westen tegen de "Red States" of van hogeropgeleiden tegen laagopgeleiden. Maar als hier echt gediscrimineerd wordt, zal het Supreme Court hier tegen optreden. In België geldt dit ook voor alle opgestelde wetten, behalve die wetten waarin taalgroepen meespelen.
Symbooldossier
Zo komt het dus dat er, twee jaar na de stemming in de Kamercommissie, nog steeds geen tekst in het federale parlement ligt over B-H-V. De verkiezingen van 2011 kunnen niet grondwettelijk verlopen indien er geen oplossing komt voor dit buitenbeentje van de kiesdistricten. Het belangenconlict (welke belangen?) van de Duitstalige gemeenschap verlamt het dossier en het mogelijke vertrek van Van Rompuy dreigt dit met de volledige regering te doen. B-H-V sluimert constant onder het politieke debat. Het is altijd aanwezig, maar er wordt liever niet te veel over gesproken. Het dossier kan de vergelijking met het zwaard van Damocles gemakkelijk doorstaan. De vraag is alleen welke kop zal rollen wanneer het paardenhaar het begeeft.
*Er wordt in dit debat liever over Franstaligen gesproken dan over Walen. In de loop der tijd heeft het begrip "Walen" een pejoratieve bijklank gekregen. Bovendien is Franstaligen in deze context juister: in Brussel wonen geen Walen. Maar misschien heeft het ook iets met spreekkoren in voetbalstadions te maken.
Vandaag werd in het Amerikaanse Huis van Afgevaardigden de wet goedgekeurd die de gezondheidszorg zal hervormen. De yea-stemmers waren 219 Democraten en 1 Republikein. De nasalere "nay" klonk bij 176 Republikeinen en 39 Democraten. Als de tekst ook in de Senaat overleeft kan de wet uitgevoerd worden en zullen ook de arme Amerikanen binnenkort over een gezondheidsverzekering kunnen beschikken.
Een kleine meerderheid van de Democraten heeft voor de volledige Amerikaanse bevolking kunnen beslissen dat er een hervorming komt van hun gezondheidszorg. Een kleine meerderheid van Vlamingen heeft er niet voor kunnen zorgen dat er voor de volledige Belgische bevolking een hervorming komt van hun kiesarrondissementen.
Discriminatie
Dit is mogelijk omdat België werd opgedeeld in gemeenschappen op basis van taal. Om de belangen van iedere taalgroep te beschermen werd het mogelijk gemaakt om een belangenconflict in te roepen. Dit kan wanneer de grotere taalgroep (in dit geval de Vlamingen) een beslissing neemt die de kleinere taalgroep (de Franstaligen) discrimineert. Maar is het niet inherent aan de democratie dat een grotere groep kan beslissen over een kleinere groep? Natuurlijk zijn er mechanismen nodig om de kleinere groep te beschermen en mag van een dictatoriale democratie geen sprake zijn. Maar waarom moet een belangenconflict mogelijk zijn op basis van taal en niet op basis van andere verschillen? Wanneer er in een wet een bepaalde groep echt gediscrimineerd wordt, zal geen enkel grondwettelijk hof ze laten bestaan. Waarom moeten in België de taalgroepen toch nog over die extra bescherming beschikken en de vrouwen of de allochtonen niet?
In de Verenigde Staten kan een meerderheid van Democraten beslissen over een minderheid van Republikeinen. Het gaat hier uiteraard over politieke partijen, maar zij vertegenwoordigen ook zeer specifieke bevolkingsgroepen. De goedgekeurde wettekst is daarom een mogelijke discriminatie van stedelingen tegen plattelandsbewoners, van het noord-westen tegen de "Red States" of van hogeropgeleiden tegen laagopgeleiden. Maar als hier echt gediscrimineerd wordt, zal het Supreme Court hier tegen optreden. In België geldt dit ook voor alle opgestelde wetten, behalve die wetten waarin taalgroepen meespelen.
Symbooldossier
Zo komt het dus dat er, twee jaar na de stemming in de Kamercommissie, nog steeds geen tekst in het federale parlement ligt over B-H-V. De verkiezingen van 2011 kunnen niet grondwettelijk verlopen indien er geen oplossing komt voor dit buitenbeentje van de kiesdistricten. Het belangenconlict (welke belangen?) van de Duitstalige gemeenschap verlamt het dossier en het mogelijke vertrek van Van Rompuy dreigt dit met de volledige regering te doen. B-H-V sluimert constant onder het politieke debat. Het is altijd aanwezig, maar er wordt liever niet te veel over gesproken. Het dossier kan de vergelijking met het zwaard van Damocles gemakkelijk doorstaan. De vraag is alleen welke kop zal rollen wanneer het paardenhaar het begeeft.
*Er wordt in dit debat liever over Franstaligen gesproken dan over Walen. In de loop der tijd heeft het begrip "Walen" een pejoratieve bijklank gekregen. Bovendien is Franstaligen in deze context juister: in Brussel wonen geen Walen. Maar misschien heeft het ook iets met spreekkoren in voetbalstadions te maken.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten